Steun ons en help Nederland vooruit

zaterdag 25 februari 2017

Raadsflits februari 2017

Raads- en commissieleden discussieerden over verbetering Bestuurskracht

Woensdagavond 22 februari jl. beleefden we in de Raadszaal in De Paauw een tamelijk ongewone bijeenkomst, een commissievergadering over een lastig onderwerp: het Bestuurskrachtonderzoek dat bureau BMC de afgelopen maanden heeft uitgevoerd en dat de basis zou moeten bieden voor een verdere versterking van – precies, onze bestuurskracht. Op speciaal verzoek van onze waarnemend burgemeester, Charlie Aptroot, discussieerden raads- en commissieleden over stellingen, geformuleerd door ing. J.H. van Luijk (BMC).

Het belangrijkste thema volgens D66: hoe zorgen we ervoor dat bestuur en organisatie – de Werkorganisatie Duivenvoorde waarin de ambtelijke apparaten van Voorschoten en Wassenaar zijn samengevoegd – doelmatiger gaan functioneren. Opnieuw bleek dat er binnen de Raad grote verschillen van inzicht bestaan over dat onderwerp. Met name tast de Raad collectief in het duister als het gaat om de vraag: gaan we verder integreren met Voorschoten, bijvoorbeeld door het beleid op zoveel mogelijk terreinen te harmoniseren? Zodat bijvoorbeeld de WODV-ambtenaren niet meer hoeven te werken met twee totaal verschillende subsidieverordeningen, om maar een van de verschillen te noemen.

Nog zo een vraag: is het zinnig, zelfs nodig, om ernaar te streven dat Voorschoten en Wassenaar gaan behoren tot een en dezelfde regio? Met steeds op de achtergrond de vrees van sommigen dat elke verdere toenadering tussen Wassenaar en Voorschoten een stap betekent in de richting van fusie.

Als er een ding duidelijk is geworden, woensdagavond, dan is het wel dat de Raad, als bestuurslichaam, het ook niet weet en er in elk geval niet eensgezind over is. Als burgemeester Aptroot deze bijeenkomst vooral heeft bedoeld om er achter te komen hoe de Raad denkt over de toekomst, dan zal hij er niet vrolijk van zijn geworden. Eigenlijk waren we het maar eens over een onderwerp: de aansturing van de WODV moet efficiënter, niet meer drie kapiteins op een schip, maar twee of  nog liever een.

De organisatie van de bijeenkomst was niet zodanig dat er ruimte was voor grondleggende statements van de fracties. Voor wie wil weten wat de D66-fractie zou hebben gezegd, als daar wel ruimte voor was geweest: hier volgt de tekst die we paraat hadden.

 

Naar een krachtiger Bestuur

Anderhalve maand geleden bespraken we in de commissie B&M het BMC-rapport. Het zou niet nodig moeten zijn om wat wij toen hebben opgemerkt hier nog eens te herhalen. Ik vrees intussen wel dat we nu, door alles tegelijk overhoop te halen, onszelf gaan vastzetten in een doolhof van zijpaden en doodlopende wegen. Niet alles wat er beter kan, in ons gemeentebestuur, hoeft tegelijk te worden opgepakt.

Laten we met spoed aan de gang gaan om de topprioriteit aan te pakken: vaststellen of het mogelijk is de WODV beter te laten functioneren. Wat is daar voor nodig? Allereerst een doelmatiger aansturing, hopelijk geholpen door wat harmonisatie in het beleid, bijvoorbeeld het subsidiebeleid. Tussenniveaus in de top van de organisatie wegsnijden, duidelijker maken wie waarover gaat, alle afdelingen onder een dak brengen. Een directie, geen drie of vier bestuurslagen. Mocht dat bestuursrechtelijk niet mogelijk zijn, dan kiezen: ofwel echt fuseren, ofwel als vrienden uit elkaar gaan en bedenken, wat dan wel???

Een tweede thema dat ik vanavond nog wel wil aansnijden is dat van de communicatie – op alle niveaus. Om te beginnen binnen de organisatie, de politieke top. We hebben daar de afgelopen drie maanden – en daarvoor, zoals nu blijkt – treurige voorbeelden van meegemaakt. Ook tussen de politieke top en het eerste echelon van de ambtenarij, dat wil zeggen de directie van de WODV, is de communicatie onvoldoende geweest, geen duidelijkheid over wat men nu eigenlijk wil. Hetzelfde geldt, althans gold, voor de beruchte driehoek: burgemeester, gemeentesecretaris, griffier.

Waar ook nog steeds het nodige aan ontbreekt, dat is de communicatie tussen bestuur en inwoners. De voorbeelden dringen zich op. Waarom komt de betrokken wethouder niet een keer uitleggen, in de Wassenaarse Krant, waardoor de reconstructie van de Lange Kerkdam zo onwaarschijnlijk lang moet duren? Daar zijn vast duidelijke oorzaken voor aan te geven, maar welke?

Tenslotte de communicatie tussen de Paauw, de gemeenteraad dus, en de buitenwereld. Het risico bestaat dat iedereen die de verhalen in de kranten serieus neemt, echt gaat denken dat Wassenaar aan de rand van de afgrond staat. En erger nog, stel je voor dat iemand in het Provinciehuis het leest en gelooft. Is het dan gek dat er daar allerlei scenario’s worden bedacht?

Kortom, laten we hier binnen de Paauw en vanuit de Paauw ook wat prettiger met en over elkaar communiceren. Want onze bestuurskracht mag dan tekortschieten, zo heel beroerd zijn we er toch niet aan toe, in deze groene oase aan zee?

Fred Sanders